Lenntech <!-- PLUGIN:LANGUAGE:water_treatment_and_purification --> Lenntech <!-- PLUGIN:LANGUAGE:water_treatment_and_purification -->

Riolering FAQ Veel gestelde Vragen

De vraagbaak voor onderwerpen op het gebied van water

English Francais Deutsch Espanol

Riolering

Wat is riolering?

De riolering is het totaal van buizen, putten, pompen en duikers dat nodig is om afvalwater naar een RioolWaterZuiveringsInrichting (RWZI) of AfvalWaterZuiveringsInstallatie te brengen.

Hoe werkt een riool?

We gebruiken water voor allerlei bezigheden. Thuis gebruik je het bijvoorbeeld om te douchen, (af) te wassen, de ramen en je auto schoon te maken, te koken en om te drinken. In de industrie wordt water gebruikt bij een groot aantal verschillende processen. Bij veel van deze bezigheden worden er stoffen in het water gebracht die daar van nature niet, of niet in die mate in thuis horen. Het water is door het te gebruiken vies geworden en moet alvorens het opnieuw gebruikt kan worden schoongemaakt worden. De stoffen die het water vervuilen, kunnen schadelijk zijn voor het milieu en de gezondheid van mensen, dieren en planten. Daarom is het belangrijk om zelfs als het water niet weer gebruikt gaat worden, het schoon te maken alvorens het te lozen. Het afvalwater ontdoen van ongewenste stoffen wordt water zuiveren of reinigen genoemd. Dit gebeurt in een AfvalWaterZuiveringsInstallatie (AWZI) of een RioolWaterZuiveringsInstallatie (RWZI). Alvorens het water daar terecht komt, moet het eerst ingezameld en getransporteerd worden. Dit is precies wat een riool doet.

Het water dat je thuis gebruikt in de keuken, badkamer of toilet wordt via (kunststof)buizen afgevoerd naar een centrale rioolbuis, van waar het op het riool terecht komt. Het riool bestaat uit een of meerdere, meestal betonnen buizen die het water naar de RWZI transporteren.

Het riool wordt echter niet alleen gebruikt om afvalwater te transporteren. Ook overtollig regenwater wordt via het riool afgevoerd. De neerslag wordt dan ook tot het afvalwater gerekend, omdat men het af wil voeren. De neerslag kan samen met het verontreinigde drinkwater afgevoerd worden (dit wordt een gemengd rioolstelsel genoemd) of apart (gescheiden rioolstelsel).

Wat is het verschil tussen een gescheiden en gemengd rioolstelsel?

Er kunnen twee soorten rioolstelsels onderscheiden worden: het gemengde en het gescheiden rioolstelsel.

Het gemengde rioolstelsel wordt in Nederland bij zo'n 75% van alle huishoudens toegepast. Bij het gemengde rioolstelsel worden zowel het regenwater als het door mensen gebruikte en verontreinigde drinkwater in het zelfde stelsel opgevangen en afgevoerd naar de RWZI, waar het wordt gereinigd. Een nadeel van dit stelsel is dat het soms bij veel regen de grote hoeveelheid water niet aan kan en overbelast wordt. Het riool kan dan overstromen, waarbij het verontreinigde water bijvoorbeeld terecht kan komen in sloten of kelders doet onderlopen. Om dit te voorkomen zijn er zogenaamde bergings- en bezinkingsvoorzieningen waar een relatief schoon deel van het water wordt afgevoerd. Het vuil(er)e deel van het water gaat alsnog naar de RWZI.



Bij een gescheiden rioolstelsel worden het verontreinigde drinkwater en de neerslag via verschillende buizen vervoerd. Het vuile water komt via aparte buizen bij de RWZI, waar het wordt gezuiverd. Het vuilere deel van de neerslag wordt hier ook gezuiverd. Als men een nieuw rioolstelsel aanlegt, kiest men tegenwoordig doorgaans voor het gescheiden stelsel. Dit stelsel heeft het voordeel dat als er veel regen valt en het rioolstelsel dit niet aankan, het gebied waar het overtollig regenwater geloosd wordt, niet extra vervuild wordt door het afvalwater omdat dat zich in een andere buis bevindt. Tegenwoordig maakt men wel een koppeling tussen de buis van het regenwater en die van het afvalwater. Wanneer er veel regen valt, kan een deel van de neerslag via de afvalwaterbuis afgevoerd worden naar de RWZI. Het gaat dan vooral om de eerste hoeveelheid neerslag, die de straten schoonspoelt en veel (straat)vuil in het riool brengt. Het afvalwater kan echter niet in de buis voor het regenwater terecht komen.

Wat is de geschiedenis van de riolering?

De geschiedenis van het rioolstelsel gaat terug tot de Romeinen. Bij opgravingen van steden en dorpen uit de Romeinse tijd vindt men vaak nog overblijfselen die erop wijzen dat men in die tijd al ver gevorderd was met de aanleg van ingenieuze rioolstelsels en waterleidingen. Huizen hadden nog geen aansluiting op het riool, meestal werd het afvalwater te samen met het regenwater via goten afgevoerd naar het riool. Na de ineenstorting van het Romeinse Rijk en tijdens de Middeleeuwen was er veel minder sprake van een goede riolering. Het afval, waaronder faecaliën, werd op straat geworpen, wat verschrikkelijk gestonken moet hebben en een belangrijke bron vormde van allerlei besmettelijke ziekten als de pest, cholera en tyfus. Men deed zijn behoefte letterlijk overal, in de vrije natuur, op straat, op de mesthoop, vanaf de stadsmuur of in een emmer die vervolgens op straat werd geleegd. Als drinkwater gebruikte men regenwater en water uit ondiepe putten. Vaak werd het water bewerkt tot bier, alvorens men het kon drinken. In de 18e eeuw ging men ertoe over om zogenaamde zinkputten te bouwen, waarin de faecaliën werden opgevangen. De zinkputten vormden een risico voor de gezondheid, omdat met microorganismen besmet vocht vaak vanuit de beerputten de grond in sijpelde en in het grond- of oppervlaktewater terecht kwam. Dit water werd vaak gebruikt als drinkwater. Soms werd de mest uit de putten gebruikt als meststof voor de akkerbouw. Ten tijde van de Industriële Revolutie (vanaf 1750) nam het waterverbruik en daarmee de hoeveelheid afvalwater (met veel organische stoffen) toe. De beschikbare beerputten raakten steeds sneller vol, veroorzaakten veel stank en er bleven epidemiën heersen. Het duurde tot ver in de 19e en 20e eeuw voordat er in Europa en in de Verenigde Staten op grote schaal rioleringswerken werden uitgevoerd. In Londen was de cholera-epidemie van 1830 aanleiding om een rioolstelsel aan de te leggen. Het afvalwater werd vanuit de steden afgevoerd naar het oppervlaktewater, waardoor de rivieren en waterlopen een zeer slechte kwaliteit hadden. Vanaf 1860 ging men bewust zoeken naar technische maatregelen om de riviervervuiling als gevolg van rioollozingen aan te pakken.

Dit luidt het ontstaan in van de afvalwaterbehandelingstechniek. In eerste instantie bracht men het afvalwater op het land om de groei van gewassen te bevorderen. Hiervoor bleek te weinig grond beschikbaar te zijn. Daarna ging men proeven doen met de zuivering van rioolwater door middel van zandfilters en later ook filterbedden en bakken met grofkorrelig materiaal, zoals grof zand, lavaslakken en cokes. Er vond biologische zuivering plaats met behulp van de microorganismen die zich op het materiaal vormden. Aan het begin van de 20e eeuw werden oxidatiebedden ontwikkeld en rond 1914 werd de actief slibmethode geïntroduceerd. Hierbij wordt het rioolwater belucht en breken zwevende slibvlokken, die uit bacteriemateriaal bestaan, de organische stoffen af. Tegenwoordig zijn er veel verschillende methoden voor handen om afvalwater te zuiveren. Men kan onder meer gebruik maken van biologische zuivering met behulp van aërobe of anaërobe bacteriën, zuivering met behulp van ozon of UV, membraanfiltratie en chemische zuivering.

Wanneer kreeg Nederland riolering?

Vanaf de helft van de negentiende eeuw maakte men in Nederland en bijvoorbeeld Frankrijk gebruik van het zogenaamde wisseltonnensysteem. Bij dit systeem deed men zijn behoefte boven een beerton. Deze werd eens in de zoveel tijd omgewisseld voor een schone ton. De volle tonnen werden opgehaald door zogenaamde beerwagens. Er hoefden geen ondergrondse riolen aangelegd te worden en daarom was dit systeem een stuk goedkoper dan de WC. Het besmettingsgevaar en de stankoverlast werden verminderd. In Amsterdam werd vanaf 1910 begonnen met de aanleg van een gemengd rioolstelsel. Men kwam er al snel achter dat men door toepassing van een gemengd stelsel de vervuiling verplaatste naar het oppervlaktewater. Daarom was Amsterdam in de jaren 1930 een van de eerste steden waar begonnen werd met de aanleg van een gescheiden rioolstelsel. Het streven is nu om voor 2005 alle rioolstelsels in Nederland om te bouwen tot gescheiden stelsels. Ook is het de bedoeling dat in 2005 alle woningen aangesloten zijn op het rioolstelsel. Alleen voor woningen die te ver van het rioolstelsel af zitten, wordt een uitzondering gemaakt. Deze woningen moeten wel gaan beschikken over een individuele afvalwaterzuivering in de vorm van bijvoorbeeld een septic tank en helofytenfilter.

In grote delen van de wereld zitten mensen nog steeds zonder riolering en drinkwatervoorziening. De omstandigheden waar zij onder leven, kunnen op ons overkomen als onmenselijk. De aanleg van een goede drinkwatervoorziening, riolering en afvalwaterzuivering behoort tot de basisbehoeften van de mens.



Hoe werkt een RWZI?

De behandeling van afvalwater in een RioolWaterZuiveringsinstallatie of AfvalWaterZuiveringsinstallatie, bestaat meestal uit een aantal verschillende trappen. Als eerste worden de niet-opgeloste stoffen verwijderd. Het water passeert een fijn rooster dat hout, papier, plastic, steentjes en dergelijke verwijderd. Dit vuil gaat naar een vuilcontainer. Daarna gaat het water naar de voorbezinktanktanks. In deze ronde tanks komt het water in het midden binnen en stroomt het langzaam naar debuitenkant van de tank. De stoffen die zwaar genoeg zijn om te bezinken, bezinken in de vorm van slib. Dit wordt primair slib genoemd. Dit slib wordt middels een langzaam ronddraaiende schraper naar het midden van de tank gebracht, van war het wordt verwijderd. Een drijfbalk aan het oppervlak veegt het vet in een speciale vetput. Bij de tweede trap wordt er in de tanks actief slib aan het water toegevoegd. Dit actief slib bestaat uit miljoenen bacteriën, die nitraat omzetten in stikstofgas en zuurstof. Daarna wordt het water in de beluchtingstanks gebracht. Het water wordt extra belucht, zodat er meer zuurstof in het water komt en aërobe bacteriën andere organische stoffen en stikstofverbindingen afbreken. Vervolgens gaat het water naar de nabezinktanks. Het water en het actief slib worden van elkaar gescheiden. Het slib bezinkt en het water stroomt weg. Wanneer dat nodig is kan het water nagezuiverd worden met behulp van desinfectie, adsorbtie, flocculatie of filtratie. Daarna is het water schoon genoeg om te lozen op het oppervlaktewater. Het slib wordt verder bewerkt. Het slib uit de voorbezinktanks komt in een slibindikker terecht, waar het bezinkt en het overtollige water afgevoerd wordt. Het overtollige actief slib uit de nabezinktanks gaat naar een bandindikker, een lopende band, waar het water door heen kan sijpelen. Uiteindelijk komt al het slib in de slibgistingstanks. Het slib gaat gisten en hierbij wordt biogas geproduceerd. Dit wordt gebruikt voor de energievoorziening van de RWZI. Het uitgegiste slib wordt opgeslagen en elders verwerkt.

Wie onderhoudt het riool?

In Nederland zorgen de gemeenten voor de aanleg en het onderhoud van het rioleringsstelsel.

Wat kost het riool?

De aanleg van riolering kost gemiddeld € 0,45 per millimeter. In Nederland ligt ongeveer 80.000 kilometer riolering, met een totale waarde van 36 miljard euro. In Nederland zijn meer dan 6 miljoen woningen, de kosten van de riolering zijn per woning gemiddeld €6000,-. De riolering kan zeker 50 jaar mee (als hele wijken tenminste niet eerder worden herontworpen en gebouwd). Per jaar komen de kosten van het aanleggen van riolering dan neer op €120,- per jaar. Dit is nog exclusief de kosten van het beheer en onderhoud. Het riool kan beschadigd raken en gaan lekken als gevolg van scheuren, kapotte voegen of boomwortels. Ook kan het riool verzakken. Dit soort problemen moeten zo snel mogelijk verholpen worden, omdat het afvalwater de bodem kan verontreinigen.

Waarvoor mag je het riool gebruiken?

Het zuiveren van het afvalwater kost meer tijd, energie en geld, wanneer het water vervuild is met stoffen die daar niet in thuishoren. De afvoer van de gootsteen, het toilet en de douche is alleen bedoeld voor het afvoeren van afvalwater. Gebruik deze dus niet voor stoffen en afval die in de afvalbak horen en het riool kunnen verstoppen, zoals etensresten, vet, olie, koffiedik, theebladeren, condooms en tampons.


Welke alternatieven zijn er voor riolering?

Er zijn verschillende alternatieven voor het reguliere rioolstelsel. In Nederland zijn er nog steeds huizen die niet aangesloten zijn op het rioolstelsel. Bij deze huizen kan dan een Individuele Behandeling Afvalwater (IBA) geplaatst worden. Het afvalwater wordt dan bijvoorbeeld gezuiverd door middel van een septic tank en helofytenfilter, voordat het geloosd wordt op het oppervlaktewater. Een septic tank kan gebruikt worden om het huishoudelijk afval water voor te zuiveren, alvorens het in een helofytenfilter te brengen. In een septic tank wordt het water gescheiden van het slib. Bacteriën zorgen ervoor dat het slib zoveel mogelijk wordt afgebroken. In een septic tank breken microorganismen Een helofytenfilter bestaat uit een filterbed van zand, klei of grinddeeltjes. Daarop groeien planten als riet, lisdodde en mattenbies. Deze planten leven op de grens van water en aarde. Helofyten hebben vaak een holle stengel, waardoor zuurstof in het water terecht kan komen. Rond de wortels van de helofyten leven microorganismen, die de afvalstoffen in het water af breken en omzetten in voedingsstoffen voor henzelf en voor de planten.

Bedrijven kunnen ervoor kiezen om zelf het water dat ze gebruiken te zuiveren, zodat ze het kunnen hergebruiken. Ook kunnen ze kijken of ze hun processen kunnen aanpassen, zodat ze minder water hoeven te gebruiken en het water dat ze gebruiken minder vervuilen. Soms is het voor een bedrijf voordeliger om zelf het water te zuiveren, dan het af te voeren naar de RWZI. Soms is het water zo vervuild of gaat het om zo'n grote hoeveelheid, dat de bedrijven extra moeten betalen. Een bedrijf kan er ook voor kiezen om het afvalwater voor te zuiveren, alvorens het af te voeren.

Ook voor de afvoer van regenwater zijn alternatieven. In plaats van het regenwater via het riool af te voeren, kan men het ook in de bodem infiltreren. Dit systeem heeft een aantal voordelen: het grondwaterpeil blijft in evenwicht, de verdroging wordt tegengegaan en het regenwater hoeft niet meer via het riool afgevoerd te worden, waardoor het riool niet overbelast raakt en overstorten nodig zijn. Het riool wordt nu slechts gebruikt wordt om afvalwater naar de RWZI te brengen. Het systeem waar we het hier over hebben bestaat uit greppels met waterdoorlatende bodems, zogenaamde wadi's. Wadi is het Arabische woord voor dal, dat gebruikt wordt om droge rivierbeddingen in de woestijn mee aan te duiden. Alleen wanneer het geregend heeft, bevatten deze wadi's water. Bij het wadisysteem wordt het water niet naar elders afgevoerd, maar kan het in de bodem zakken. Wanneer het grondwaterpeil extreem hoog is of er heel veel neerslag valt, kan het overtollige water via drainagebuizen afgevoerd worden.

Bronnen: http://www.afkoppelwinkel.nl/riolering/geschiedenis/geschiedenis.html

http://www.riool.info

Zie voor meer informatie over toiletgewoontes door de eeuwen heen http://www.euronet.nl/users/helle/hygiene1.htm

Voor alternatieven voor het bestaande rioolstelsel en toilet : http://www.de12ambachten.nl/water.html#anker105720



Zie ook onze uitgebreide Waterbegrippenlijst of ga terug naar het water FAQ overzicht

Als u nog meer vragen heeft, kunt u altijd met ons contact opnemen

Over Lenntech

Lenntech BV
Distributieweg 3
2645 EG Delfgauw

tel: +31 152 755 703
fax: +31 152 616 289
e-mail: info@lenntech.com


Copyright © 1998-2017 Lenntech B.V. All rights reserved